What’s in the name. Namen passen soms wonderwel bij karakters, persoonlijkheden of beroepen. Wat bijvoorbeeld te denken van oer-Hollandse namen als Koeman, De Boer of Wouters. Karaktervolle namen die passen bij de stoere voetballers van weleer, maar ook bij de strenge oefenmeesters die soms giftig hun gal kunnen spuwen bij een wanprestatie van hun team. Het dondert en het bliksemt in de kleedkamers als er weer eens niet naar behoren gepresteerd wordt. Veldrijder en wereldkampioen Van der Poel kon zich geen betere naamgeving wensen als er weer eens een cyclecross door blubber en bagger winnend werd afgesloten. Voor de Italiaan Guido Bontempi (bijgenaamd De Buffel) waren het vaak mooie tijden als hij in een duizelingwekkende massasprint zijn voorwiel enkele luttele millimeters voor zijn tegenstrevers over de meet wist te drukken. Jeroen Blijlevens ( Jerommeke) sloot vele malen blij gemoed een wielerkoers winnend af. Voormalig autocoureur Jos Verstappen deed zijn achternaam vele malen te veel eer aan door misstappen tijdens een race; hij was te vaak een frequent bezoeker van de grindbak. Vaker echter passen namen in het geheel niet bij de personen die zij vertegenwoordigen. Wat te denken van Benno Baksteen, voormalig voorzitter van de Vereniging van Nederlandse Verkeersvliegers. Of van Frank Evenblij, oerchagrijnig lid van de Jakhalzen, destijds de hoogst irritante en negatieve straatreporters van DWDD. Piet Kleine: zijn gestalte, maar ook zijn prestaties op de schaats waren van indrukwekkende grootheid en zeker niet klein. Zijn daden waren groot. En bij de naam Sauerbrei denkt u toch ook niet direct aan een bevallige Hollandse meid die op gracieuze wijze op haar sneeuwplank tussen de obstakels van de piste laveert. Eerder doet haar naam denken aan een Duitse Neo-nazi met een bedenkelijke familietraditie of aan een fanatieke “Linke”, lid van de Rote Armee Fraktion. Of wellicht denkt u aan een typisch Duits, vettig gerecht als : Eisbein”. En ik wed, dat als de naam Lollobridgida over uw tong buitelt en de echo ervan tegen uw gehemelte kaatst, u moet denken aan die ene bevallige Italiaanse filmdiva met haar overbekende, begeerlijke en klassiek weelderige vormen. In uw geestesoog ziet u haar over de Romeins geplaveide wegen van een Italiaanse binnenstad op haar Vespa rondtoeren. En terwijl een zoele wind met de opwaaiende panden van haar bloemrijke jurk speelt, biedt zij u een appetijtelijke blik op haar welgestelde dijen. Maar Francesca Lollobrigida is geen filmdiva, maar een stoere Italiaanse schaatsster, die het vrouwelijke Nederlandse schaatsvolkje het snot voor de ogen rijdt en hun haar welgevormde achterste meermalen laat zien. Deze Italiaanse furie, nichtje van de beroemde Gina, is een spring in het veld die tijdens de race als een ware gifkikker niet alleen het marathonpeloton kan terroriseren. In Milaan was ze de Italiaanse furie die Hollandse meiden op haar gespierde knie legde op de 3 en 5 kilometer.